HOOFDSTUK -12-
IN DE KELDER VAN BEWUSTZIJN
De prikkel brengt mij weer met mijn bewustzijn uit mijn lichaam. Daar wacht de gids, Alena, weer op mij. Ze kijkt mij ernstig aan. Niets voor haar want meestal neemt ze mij goedmoedig in de maling en lacht ze veel. In het begin was dat anders. Toen vond ik haar afstandelijk en zakelijk. Intussen heb ik geleerd dat dat aan mijzelf lag. Die afstandelijk lag bij mij zelf en projecteerde ik op haar. Alsof ik in een spiegel keek/kijk en mijzelf daarin zie met een volstrekt ander gezicht.
Alena legde mij uit dat zij mijn hogere Zelf is. Dát deel dat niet meegaat in een reïncarnatie op aarde maar de mens, in dit geval mijzelf, probeert te leiden en beïnvloeden vanuit een hogere bewustzijnsstaat: 'Ik ben blij dat dat redelijk gelukt is,' vertelde ze mij in het begin. 'Vaak zoeken de mensen hun geluk in het Ego-denken en nemen ze geen enkele raadgeving van hun hogere bewustzijn waar. Bij jou ging dat ineens beter al is er nog veel te leren.
En nu vertelt ze mij wat mijn taak gaat worden hier. 'Je hebt hier zelf voor gekozen ook al kun je je dat niet meer herinneren,' legt ze uit.' Ik laat je over een moment de laagste regionen van bewustzijn zien. Je zult die staat waarnemen en vanaf dat moment sta je er alleen voor. Je zult het zelf moeten oplossen daar. Ben je er klaar voor?'
Ik knik bevestigend hoewel ik er geen flauw benul van heb van wat mij staat te wachten.
Alena draait met haar hand naar links en direct ben ik ergens anders. Ik sta in een kleine slecht verlichte ruimte zonder ramen. Het is al een wonder dat ik hier sowieso iets kan zien. Maar erg opwekkend ziet het er niet uit. Ik sta tot mijn enkels in het drab. En met drab bedoel ik een groen/geelachtige substantie. Rioolwater ziet er fris uit hierbij vergeleken. Ik zie een man van een jaar of zestig languit in de drab liggen. Hij draagt iets wat ooit een zwart pak geweest moet zijn. Hij licht languit voorover met zijn gezicht in het drab. Naast hem zit een hond. Hij kijkt droevig en jankt een beetje. Kennelijk hoort hij bij de man. Iets verderop begint het drab te golven en steekt er ineens een hand en een arm boven het drab uit. Iets later zie ik dat het een vrouw blijkt te zijn. Ze is volkomen naakt en gaat nu moeizaam op haar knieën zitten. Ze draait haar hoofd naar mij toe en kijkt mij met nietsziende dode ogen aan. Intussen hoor ik ploppende geluidjes en ik kijk verder om mij heen. Er loopt van alle kanten drabachtig vocht van de muren naar de vloer.
Het gekke is dat ik niets kan ruiken. Nu doet ook de man zijn hoofd omhoog uit het drab. Ook hij kijkt mij verdwaasd aan. Dan ineens uit het niets, overvalt mij een verdriet waarvan ik het bestaan niet kende. Zo hevig. Zo intens en zo indringend dat de tranen bij mijzelf uit mijn ogen beginnen te stromen. Ik voel dat ik huil. Met grote schokken. Het is niet te beheersen en toch blijf ik volledig bewust van wat ik waarneem.
De vrouw gaat nu zitten en ze kijkt met iets meer bewustzijn in haar ogen. Ook de man lijkt zich meer bewust te worden van zijn omgeving. Verschillende emoties dreigen mij uit mijn centrum te knallen maar voor dat gebeurt sta ik weer naast Alena die mij intens aankijkt.
'Wat was dát in Godsnaam???' vraag ik geschokt.
'Dat waren een vrouw en een man,' antwoordt ze. Er lagen daar nog veertig mensen onder het drab, maar alleen die twee mensen merkten jou op. De hond is van de man en blijft zijn baasje trouw. DE hond is overigens de enige reden waarom die man niet verder is afgedaald. De vrouw is iets verder in haar bewustzijn dan de man maar heeft wel een steuntje nodig zoals je zag. Die andere mensen kon jij niet waarnemen omdat die zó diep zijn afgezakt dat jouw bewustzijn niet toereikend is om hen te helpen. Het is daar niet alleen smerig maar ook pikdonker. Het feit dat je kon zien dank je aan je eigen licht, hoewel nog schemerig haha. Deze mensen zijn zo in hun eigen schuld en schuldgevoel gekropen dat ze naar een heel laag bewustzijn zijn afgedaald. Ze doen vrijwillig boete en hebben geen idee dat er geen schuld bestaat in deze werelden.
Jij hebt jezelf de taak gegeven om deze mensen uit hun illusie te halen. Dat twee mensen begonnen te ontwaken, kwam omdat ze jouw, en ik herhaal; nog steeds vrij schemerige, licht, opmerkten en daardoor werden gewekt. In een volgend stadium zul je die zielen verder inwijden en wakker maken uit hun illusie. Daar is veel empathie en mededogen voor nodig. Beide heb je wel enigszins maar nog niet voldoende. Je zag dat je door je emoties werd overmand. Dat is niet erg want je was hier niet op voorbereid. Maar hee, je bent hier om te leren. Toch?'
Ze lacht nog een keer en weg is ze weer.
Ik val weer terug in mijn lichaam en heb veel stof te verwerken.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten