-1-
INLEIDING
Op mijn reis door de fysieke dimensie, en dan bedoel ik de aarde in dit geval, ben ik intussen tegen veel muren opgelopen. Veel bloedneuzen door mijn onophoudelijke gebeuk op die muren. Beuken uit louter verzet. Niet beseffende dat die muren alleen maar dikker werden en mijn bloedneuzen heviger.
Dat het niet meer dan mijn honger naar kennis was die te langzaam in mijn ogen, tot mij kwam, die mijn boze beukgedrag veroorzaakte is geen excuus. Verzet is verzet en het universum doet daar niet aan mee.
Ik ga niet in op deze zoektocht naar kennis omdat het afleidt van de essentie waar ik naar toe wil. En zo verschrikkelijk interessant was die zoektocht niet. Behalve voor mijzelf uiteraard.Dit overdenkende lig ik plat op mijn rug in mijn bed. Er is niemand thuis. Eigenlijk zou ik nu mijn bed moeten uitkomen maar in plaats daarvan doe ik een ademoefening.
Plotseling voel ik twee handen om mijn heupen. Kun je je voorstellen wat er door je heen gaat als je plat op je rug in bed ligt en bezig bent met een ademoefening en je ineens twee handen voelt die er helemaal niet kunnen zijn? Ja, ik ben ervan overtuigd dat je je dit kunt voorstellen. De meeste mensen zouden zeggen: 'ik zou mij doodschrikken!!" Dat zou bij mij ook het geval moeten zijn. Maar nee hoor, alsof er geen vuiltje aan de lucht is blijf ik onverstoorbaar doorademen. Wachtend op wat er komen gaat.
Dan een mentale stem in mij. Niet mijn stem want ik weet hoe die klinkt. 'als ik zeg; spring! stel je dan voor dat je je dan hard afzet en dan springt"
Maar natuurlijk, Ik kan niet nalaten te vragen of ik er een parachute bij moet fantaseren, maar ik krijg geen reactie. Ineens hoor ik spring zeggen. Ik schiet mentaal omhoog en ineens heb ik het gevoel dat ik loslaat. Het beste kan ik dit gevoel omschrijven als kussen van een terrasstoel die uit de hoes waarin hij zit wordt losgetrokken. De handen om mijn heupen zijn dan de handen die de hoes vasthouden.
Mijn bewustzijn schiet half uit mijn lichaam en vervolgens blijf ik zweven. Mijn bovenlichaam zweeft in slowmotion naar de "vloer" terwijl mijn benen in de lucht blijven hangen omdat die nog niet helemaal uit de hoes zijn gekomen. Vrijwel meteen is dat wél het geval waarna mijn benen ook zweven. Ik probeer om mij heen te kijken maar mijn ogen willen niet open. Ik zie niets behalve een licht gloed door mijn oogleden. Wél hoor ik links en rechts van mij veel stemmen. Iedereen praat maar ik kan niemand verstaan. Het is alsof die mensen allemaal achterstevoren praten. Zoals iemand die boer bedoelt, maar "roeb" zegt.
De stem keert terug en legt mij uit dat ik nog even niets mag zien omdat het "licht" te stralend zou zijn voor mij. 'Je hebt enkele dimensies doorkruist met je sprong. Je springt flink.' zegt de stem.
'Waarom ben ik niet door de bekende tunnel gegaan? Die tunnel waar mensen met een bijna-doodervaring het altijd over hebben?' vraag ik.'
'Omdat je een paar dimensies hebt overgeslagen.' zegt de stem. 'De tunnel wordt alleen gebruikt om zielen vanuit hun fysieke lichaam door de allerlaagste dimensies te loodsen. Die tunnel beschermt de net overgegane ziel tegen de negatieve invloeden van die dimensies. Vanuit de tunnel bereiken ze dan de "plaats", of bewustzijn niveau waar ze qua frequentietrilling toe horen.'
Intussen zweef ik heerlijk rond. Alsof je drijft in water waar je niet kan zinken. Het gevoel van vrede is overweldigend. Ik heb nooit in mijn leven zo'n ontspannen gevoel ervaren. Het enige wat ik kan denken is: HIER BLIJF IK! Hier ga ik dus nooit meer weg. Als dit dood gaan is, vraag ik mij af waar die angst daarvoor op aarde bestaat. Ook ik heb altijd toch wel een wantrouwend gevoel gehouden waar het doodgaan betreft. Ook al weet en wist ik zeker dat mijn fysieke lichaam niet mijn eindstation is.
De stem onderbreekt mijn gedachtegang: 'Genoeg geluierd vandaag. Dacht je werkelijk dat je nu al op deze plaats op je handen kon gaan zitten? Vanaf nu ga je regelmatig uitstapjes als deze maken. We willen jou en anderen hier op dit bewustzijnsniveau hebben om te helpen andere zielen hier naartoe te helpen. De aarde maakt een overgangsfase door waardoor wij zielen hier nodig hebben die niet meer bang zijn en niet meer oordelen.
'Die zijn er toch genoeg?' vraag ik verbaasd.
'Niet genoeg, voor de snelheid waarmee de overgangsfase gepaard gaat, 'zegt de stem. 'Stel je voor dat jij, als helper die andere moet helpen de overgang naar hier te maken, nog oordeelt. Dan zou je oorlogsmisdadigers waarschijnlijk niet helpen. Of andere mensen die je niet sympathiek vindt, of die jou in jouw leven iets hebben "aangedaan" Je kunt dit werk alleen doen als je alles en iedereen inclusief jezelf volledig hebt vergeven. Zonder onderscheid! Heb ik je aandacht? Of geniet je te veel van het zweven haha.
Er zijn nogal wat dingetjes waar je jezelf van bewust moet worden zodat je ook die laatste zaken kunt vergeven. Vandaar dat je in elk volgend uitstapje naar deze regionen, niet zo vredevol zal zijn als nu. Je zult hard geconfronteerd worden met zaken die nog vastzitten bij jou. Die jou kunnen beïnvloeden. Die zaken zullen zéér beeldend zijn. Maar je zult er sneller van leren dan je normaal gesproken zou doen. En...vergeet niet...ik ben nooit ver weg. Maar je zult het alleen moeten opknappen.'
Even later "val" ik weer in mijn lichaam. Ik ben niets vergeten. Behalve dat het levensecht was, deze ervaring. Ik ben al vaker uit mijn lichaam geweest maar dat was altijd in een soort droomachtig iets waar ik mij redelijk van bewust was. Wat ik nu meemaakte is van een heel andere orde..
Morgen:Hoofdstuk 2

